maandag 23 juli 2012

Meneer Neussnor


Er zijn wel vaker momenten geweest waarop ik dacht ik begin een blog! Maar meestal kwamen die momenten dan aan het eind van de dag vlak voor het slapen. Het moment waarop je creativiteit het hoogst is en je de geweldigste verhalen in je hoofd creëert, maar je de energie niet meer kan opbrengen om je laptop open te slaan en ze dan ook daadwerkelijk op te schrijven. Vaak ook omdat je al weet dat de woorden nooit zo mooi meer op papier, of in dit geval het beeldscherm, zullen staan als dat ze net in jouw hoofd geciteerd werden.


Maar vandaag waag ik de gok. Ik ga mijn eerste blog schrijven. Waarover? Mijn zomerbaantje. Waarom? Omdat ik daar regelmatig wat meemaak. Waar? Bij de thuiszorg. Wanneer? Vandaag. Wie? Deze keer een oude man die ik voor het gemak Meneer Neussnor noem.


Even een korte introductie: Ik werk sinds vorige zomer bij de thuiszorg, als oproepkracht. Wanneer iemands vaste hulp op vakantie is, ziek is, of om één andere reden die dag niet kan komen schoonmaken. Dan kom ik langs. De meesten reageren daar lang niet zo enthousiast op als je zou verwachten. Er zijn hierin echter verschillende types te onderscheiden.


Type 1: De tegeltjesvrouwen. Er zijn ongetwijfeld ook tegeltjesmannen, maar ik heb nog niet het geluk gehad ze te ontmoeten. Ze hebben vaak, zoals de naam het al zegt, tegeltjes op de muur hangen met teksten als: ’Liefde is niet alles, maar zonder liefde is alles niets’, ’Als de haan niet kraait vóór het avondrood. Gaat het regenen. Of de haan is dood’‚  ’Beter een halve spreuk, dan……’.Dit is mijn favoriete type, ze hebben veel tierelantijn en het is een hel om hier af te stoffen, maar ze gaan net zo lief een uur lang met je koffie drinken om je te vertellen over hun kleinkinderen of over de nieuwe auto van de dochter van de buurman.

Dan is er type 2: De Smetvrees-senior: ‘Want hoe kan een 18-jarig ”meisje’’ nou net zo goed schoonmaken als mijn vaste hulp, Annelies’. Ze volgen je constant door het huis, klagend over de vorige invalkracht die ooit een lamp in de wc niet had afgestoft, maar vervolgens wel beweerde dat ze de wc volledig had schoongemaakt. Wist ze dan niet dat zich daar ook beestjes bevinden?

En tot slot type 3: De viezerik. Deze mannen zijn vaak jong getrouwd en hebben in hun leven nog nooit een huis schoongemaakt. Na het overlijden van hun vrouw hebben zij dan ook vaak geen idee wat het verschil is tussen wasmiddel en afwasmiddel. Er zijn mannen waarbij deze hulpeloosheid, alleen maar medeleven opwekt. Voor hen maak je vol goede moed de wc schoon, schrob je het smerige fornuis dat aan alle kanten plakt door de mislukte kookpogingen. Gooit de plastic aflhaal bakjes weg, die als gevolg van het kookgebrek zich in de keuken hebben opgestapeld en wast vervolgens de scheve bordentoren van Pisa af.

Maar bij het Mr. Neussnor type is dat nou net het probleem. Ze bewijzen zich niet alleen in hun huis als ware viespeuken, maar ze zouden ook hun mond wat vaker met zeep mogen spoelen.
Zo kreeg ik vandaag tussen het stofzuigen en dweilen door het volgende te horen: Ik was niet dik, ik was niet dun, eigenlijk wel helemaal zijn type. De opmerking zelf was al genoeg om van te grillen, maar het feit dat hij tijdens dit opmerkelijk compliment ook nog besloot een stap dichterbij te doen, waardoor zijn neusharen en waterige ogen nog beter in mijn zichtveld lagen, deed pas echt mijn netjes in een knotje gestopte nekharen overeind staan. Niet alleen waren zijn neusharen zodanig lang dat zijn snor een soort onderkin-effect kreeg, omgebouwd uit twee lagen. Hij had er ook vast geen rekening mee gehouden dat iemand die net jouw remsporen uit de wc heeft moeten schrobben, garant staat aan een blauwtje.

Misschien als ik zijn fascinatie voor zaklampen en oude radio’s had gedeeld, had het nog kunnen leiden tot een leuk gesprek. Door het hele huis stonden er in alle vormen en maten radio’s en zaklampen opgesteld, met in het midden van de woonkamer een grote glazen schaal vol batterijen om alle apparaten te allen tijde van de goede batterij te kunnen voorzien. Ik had zo het vermoeden dat hij ooit een stroomstoring had meegemaakt en vast heeft gezeten op een donker zoldertje met een kapotte zaklamp en ook nog eens een kapotte radio. Dit trauma herbeleven, zou hem fataal worden dus om het te voorkomen, had hij elke kamer in het huis voorzien van deze nooduitrusting. Maar dit is slechts een theorie.  
Maar goed, meer dan een leuk gesprek had het niet kunnen worden,  want let’s face it. Als Mr. Neussnor het hiervoor nog niet verpest had, was het feit dat hij hoogstwaarschijnlijk al met pensioen was voor dat ik überhaupt een voet op deze aarde had gezet wel deal breaking geweest.